Het Panda-effect
De tijd in Tokio gaat vlug voor een buitenlander. Er is zoveel te zien en te ontdekken, en de Japanners blijven fascinerend in hun ondoordringbaarheid. Maar jij bent voor hen in feite net zo interessant. In deze laatste column: hoe Japanners buitenlanders zien.
Tokio is een wereldstad. Eentje van enorme afmetingen. 18 Miljoen mensen krioelen erin rond, waaronder een hoop mensen van buiten Japan. Diplomaten in buitendienst, expats bij buitenlandse bedrijven, noem maar op. De Tokioose Japanner kijkt dan ook niet op van een buitenlander meer of minder � dat is heel gewoon. Tenminste, in het centrum, waar de grote kantoren zijn en ambassades. In de buitenwijken is het een ander verhaal. Slechts weinig niet-Japanners gaan aan de rand van de stad wonen, daar hebben ze in feite niet veel te zoeken; voorzieningen waar buitenlanders wat aan hebben, zoals in het Engels gegeven cursussen of internationale restaurants, zijn in het centrum te vinden. Toch is wonen in de buitenwijken ontzettend leuk en dat komt met name juist doordat er zo weinig andere niet-Japanners wonen. In zo�n wijkje ben je echt een bezienswaardigheid. Kinderen kijken je ongegeneerd met wijd opengesperde oogjes na en hun ouders soms ook. Je hoeft maar ��n keer een winkel binnen gegaan te zijn, en ze herkennen je daarna gelijk en groeten je als een goede vriend. Anonimiteit is ver te zoeken, maar het is wel heel leuk! Buiten Tokio, in kleinere plaatsen waar bijna nooit buitenlanders komen, is het nog sterker. Daar komen mensen spontaan op je af om met je te praten, groeten je op straat, buigen naar je.
Draagbare goden en papieren geluk
Tokio � winkelen doen de Japanners het liefst van alles. Lekker geld uitgeven, etalages kijken, scharrelen in het warenhuis. En tussendoor even een gebedje in de tempel. Handig, gewoon in het winkelcentrum tussen de parfumerie en de lingerieboetiek. In Japan vind je op de gekste plekken tempels en schrijnen en biddende Japanners.
De twee overheersende religies in Japan zijn het Boeddhisme en Shinto. Dat laatste is een soort natuurgodsdienst, waarbij alles een eigen god heeft: bloemen en bomen en wind en dergelijke. In het Boeddhisme wordt Boeddha aanbeden. Het vereren van de goden gebeurt in tempels (Boeddhistisch) of schrijnen (Shinto�stisch). Een grote tempel of schrijn is in feite een heel complex van tempeltjes en gebouwtjes, en beslaat dus vaak een vrij ruim terrein. Er is dan ��n hoofdtempel, waar de godheid in kwestie huist, of waar bijvoorbeeld een belangrijk beeld staat. Daaromheen liggen allerlei bij-tempeltjes en soms een pagode. Wat heel vaak voorkomt is dat er op het terrein van een Boeddhistisch tempelcomplex een Shinto schrijntje staat, of andersom. Want de religies zijn onderling allemaal niet zo streng gescheiden als hier.